Er is iets met de winter. En dan met name de maand december. Ik kan mij er in de hitte van de zomer al op verheugen. De zondagmiddag wandelen in het besneeuwde bos. Thuiskomen met het sneeuw nog achter mijn oren van het verloren sneeuwgevecht, om mij te laten warmen door de chocolademelk met slagroom. Het familiebezoek aan mijn schoonfamilie wordt net een beetje mooier door de geur van brandend hout. De kachel viert hoogtij dit seizoen.

 

De winter schept verwachting. Al in oktober starten we met de voorbereidingen, wanneer we -na eindeloos aandringen van mijn schoonzusje- lootjes trekken voor Sinterklaas. Mijn verlanglijstje ligt inmiddels bij de Sint, terwijl ik nu echt moet beginnen aan mijn surprise. Een mooie aangelegenheid om nu eens het hoge woord eruit te gooien en iemand te vleien, te complimenteren in het gedicht. Op de grote dag zitten we met de hele familie na het gourmetten rond de kachel. De surprises staan bedekt onder een kleed in het midden van de kring. ‘Vol verwachting klopt ons hart’.

Deze verwachting zet zich door in de hoop op een witte Kerst. Met de ‘horrorwinter‘ op komst zal dat zeker lukken. Kerst, vol familie- en kerkbezoeken. Het is eigenlijk net als Pasen, maar dan in de winter. Verhalen waar we groot mee zijn geworden. Verhalen waar ik ongemerkt doof voor ben geworden. Het dringt mijn gedachten binnen, waarna mijn onbewuste ik de keus maakt dat ik het verhaal nu wel ken. Dit jaar is het anders. Dit jaar hebben Maria en ik iets gemeen. Maria en ik zijn in volle verwachting. Met de hulp van wat extra hormonen zal het wel moeten lukken om het kerstverhaal te herontdekken.

Om daarna met al het feestgedruis dat Kerst met zich meebrengt ons rond de eettafel te scharen waar we met mijn hele familie een kerstmaal hebben bereid. Iedere vrouw haar eigen gang. Ditmaal net een beetje meer bijzonder dan voorgaande jaren. Deze kerst is de tafel rijk gevuld. Althans, de stoelen rond de tafel. In de buiken van mijn zussen groeien kleine mensjes, net iets groter dan mijn eigen mini mensje. Ik kan nu al zeggen: na deze barre winter komt er een prachtig voorjaar. Een voorjaar waarin mijn moeder weer wat kleinkinderen mag verwelkomen. Een voorjaar waarin ik een titel aan mijn naam mag toevoegen. Mama.


Wieteke van der Ven 

Wie is Wieteke?