Rode rakkers waren het, die ouders van mij. Ja, ze waren wel in de kerk getrouwd, want toen zij trouwden hoorde dat zo. En toen ze later wat jaren in het streng Rooms Katholieke zuiden woonden vonden ze aansluiting bij een vrijzinnige Nederlands Hervormde kerk, want alleen daar vonden ze soortgelijke noordelingen.

Toen ze later weer boven de rivieren kwamen wonen stopte hun kerkbezoek en was de enige band met de kerk nog de jaarlijks kerkbalans, alhoewel dat volgens mij toen nog niet zo heette.

Dus nee, ik ben niet kerks opgevoed. Veel meer dan een ‘er is vast iets meer’ heb ik niet meegekregen. Mijn ouders stuurden mijn zusje en mij naar een openbare school dus ook daar kreeg ik geen christelijke normen en waarden mee.

En o ja, en ik ben een paar maanden op een zondagschool geweest, maar tot op de dag van vandaag kan ik me niet herinneren dat ze ooit iets over Jezus vertelden daar.

Nee, ik was een jaar of 18 toen ik tegen wil en dank christenen ontmoette. En ware het niet dat zijzelf ook net gegrepen waren door een stelletje dansende en zingende Jesus People dan was ik nooit achter Jezus aangegaan.

Ik heb dus geen christelijke opvoeding gehad. En mag ik nou eens roepen dat ik daar eigenlijk best blij mee ben? Ik heb nooit last gehad van vragen als ‘Mag je op zondag een ijsje eten?’ of ‘Ben ik wel uitverkoren?’ of nog erger: de eeuwige worsteling met de vraag of je wel goed genoeg bent?

Nooit al die moraliserende regels die veel kinderen in christelijke gezinnen ingestampt krijgen en waar ze de rest van hun leven voor nodig hebben ze weer kwijt te raken. Nooit heb ik als kind geleerd dat God boos op me wordt als ik zondig.

Nee, voor mij staat als een paal boven water dat Jezus mij liefheeft en dat het 100% genade is dat ik Gods zoon kind zijn.

Persoonlijk gun ik elk kind ergens een niet-christelijke opvoeding. Geen vragen of je nou terug mag slaan als je geslagen wordt. Leer ze gewoon terugmeppen. En als ze dan later ooit kiezen om Jezus te volgen dan kunnen zo ook echt kiezen de andere wang toe te keren in plaats van alleen maar te kunnen doen hoe ze geprogrammeerd zijn.

Maar zoals alle verhalen heeft ook dit verhaal een keerzijde:

Mijn ouders stierven beide in 2010. Mijn vader worstelend met de God die hij ergens nooit gekend had.

En toen ik de dag voor mijn moeder stierf aan haar vroeg waar ze nou heen ging, was haar antwoord dat het volgens haar wel goed kwam. Jezus had ze daar niet bij nodig, ze had immers goed geleefd? Ja toen, toen voor het eerst wou ik dat ik wel christelijk was opgevoed. Al was het alleen maar voor haar.